Meneer Wapenaar

Casus 2

“Laat me met rust! Ik wil naar huis!”

Lees verder

Meneer Wapenaar is na een heupoperatie opgenomen op jouw afdeling. Direct na aankomst geeft meneer aan niet gemotiveerd te zijn om te herstellen. Hij wil zo snel mogelijk weer naar huis. In het ziekenhuis is er vastgesteld dat er sprake is van lichte cognitieve stoornissen, mogelijk als gevolg van langdurig en intensief alcohol gebruik. Bij meneer is in het verleden de diagnose borderline persoonlijkheidsstoornis gesteld. Hij heeft ook depressieve gevoelens en raakt snel in paniek. Meneer geeft aan dat het van hem allemaal niet meer zo hoeft. Als een situatie anders verloopt dan meneer Wapenaar zelf in gedachten heeft, dan reageert hij nerveus en schreeuwt tegen omstanders dat ze weg moeten gaan. Ook kampt meneer Wapenaar met gevoelens van achterdocht. Hij kan je argwanend aankijken en houdt afstand in een gesprek. Bij opname bleek meneer Wapenaar flink verwaarloosd. Meneer rook niet fris, zijn kleding was smoezelig en hij leek zich al enige tijd niet meer gewassen te hebben.

Leer de cliënt kennen

  • Op welke vlakken/levensgebieden zie je bij meneer mogelijk problemen? Welke problemen?
  • Welke interventies kun je inzetten wanneer borderlineproblematiek een rol speelt?
  • Hoeveel alcohol mag meneer per dag op jouw afdeling drinken?
  • Wordt elke cliënt met hetzelfde ziektebeeld op dezelfde manier bejegend?

Bespreek de volgende stellingen:

  • Eerder gediagnosticeerde persoonlijkheidsproblematiek geeft altijd problemen bij opname.
  • Overmatig alcoholgebruik veroorzaakt altijd cognitieve achteruitgang.
  • De depressie en paniek bij meneer komen voort uit cognitieve achteruitgang.
Video
Contact

Verstuur